Oorlogsgeweld > WOI

Vier dagen na de Duitse inval neemt ook de Sleinse gemeenteraad op 8 augustus 1914 een aantal maatregelen. Manschappen en paarden worden onmiddellijk opgeroepen, respectievelijk opgevorderd, om het leger te versterken. Op 8 november, nadat het leger zich had verschanst achter een overstroomde IJzervlakte, krijgt Sleidinge het bevel te ontwapenen. Ruim tweehonderd geweren en twintig pistolen worden afgevoerd naar het Gravensteen in Gent.

Bron : Geschiedenis van Sleidinge - 0986 Bron : Geschiedenis van Sleidinge - 0986

Ontwapeningsbevel.

De Duitse bezetter laat zich al snel gelden door ander andere de sluitingsuren van herbergen streng te reglementeren en allerlei opeisingen bij boeren en winkeliers.

Sleidinge moet een lijst bezorgen "van alle weerbare mannen van 17 tot 35 jaar om te beletten dat lieden verdwijnen om zich bij het vijandelijke leger aan te sluiten".

Op 12 juni 1915 steekt een Belgische hoge officier, luitenant-kolonel Rademakers, alleen de IJzer over. Hij stoot op vijandelijk vuur en raakt zwaar gewond. Samen met een soldaat en een brancardier gaat de Sleinse aalmoezenier Charles Lehoucq op zoek naar hem. Hij komt echter om in de ‘Dodengang’ en een week later ontvangt Charles Lehoucq postuum de onderscheiding van Ridder in de Leopoldsorde met palmen.

 

bron : SFK - 0987 bron : SFK - 0987

Bidprentje van Aalmoezenier Charles Lehoucq.

Calcutta-bestuurder Pierre-Paul Dobbelaere moet zijn fabriek sluiten. Hij stelt ze ter beschikking van het Gewestelijk Hulp- en Voedingscomité, een instantie die instaat voor de verdeling van levensmiddelen. In ruil hiervoor wordt hij voorzitter van deze instantie.

In 1917 is de brandstofschaarste zo groot dat zelfs de bomen op het dorpsplein worden gerooid en als brandstof dienen voor de bereiding van ‘volkssoep en schooleetmalen’' (zie ook onder Landschappen en zichten/Motte).

Massale troepenbewegingen van het Duitse leger richting Frankrijk laten zich ook in Sleidinge voelen. Zo moet burgemeester Martens voor de nacht van 23 op 24 november onmiddellijk onderdak vinden voor 70 officieren, 1500 soldaten en 670 paarden.

Nog in de winter van 1917 vindt een openbare verkoping plaats van "kernemelk in de zalen der volkssoep" meer bepaald in het ‘hospice’ of klooster van de zusters Franciscanessen op Hooiwege.

 

Bron : SFK - 0988 Bron : SFK - 0988

De 'Zivil Arbeiter Belgiën', in de volksmond 'Zeer Arme Belgen' : opgeeiste burgers die in de frontlinies prikkeldraad moesten slaan of loopgrachten moesten delven. Sommige moesten ook naar Duitsland gaan werken, 1917.

De bevelen vanuit de Ertveldse Kommandantur volgen elkaar vlugger op naarmate de overwinningskansen voor de Duitsers slinken. Voor de zwaar zieke vluchtelingen is het klooster de laatste kans om te overleven.

 

Bron : SFK - 0989 Bron : SFK - 0989

Een van de vele bevelen vanuit de Kommandatur in Ertvelde om huis 101 (nu Weststraat 144) op te vorderen als 'Soldatenheim'.

 

> Geluidsfragment : Willy De Walsche over hoe vader Marcel de Spaanse griep overleefde

Dan begint de aftocht van de Duitsers. Terug worden vele dieren in beslag genomen. Een aantal Sleidingenaren moeten met deze buit het Duitse leger vergezellen.

 

> Geluidsfragment : Willy De Walsche en Denise Martens over vader Marcel die een koe terughaalt.


Op l november 1918 pakken de Duitsers in Sleidinge hun biezen en ‘s anderendaags trekken de eerste Belgische soldaten Sleidinge binnen. Enkele lange-afstandskanonnen houden vanuit Sleidinge het 12 km. verder gelegen Zomergem nog dagen onder schot. Zelf wordt Sleidinge gedurende drie kwartier gebombardeerd, vooral op de kruispunten. Gelukkig vallen er geen slachtoffers.

 

bron : Erik Droesbeke - 0990 bron : Erik Droesbeke - 0990

Deze 'weerbare mannen' moesten mee met het terugtrekkende Duitse Leger.

> Geluidsfragment : Alberta Buysse over WOI (2009)

Op 2 november heeft de Amerikaanse Cavaleriedivisie haar vooruitgeschoven stellingen op de lijn Kruisken-Hulleken-Molenhoek-Oosteeklo en is Sleidinge is op dat moment feitelijk bevrijd. Evergem en Kluizen volgen op 3 november "après un vif combat".

De Sleinse korporaal Prosper Buysse bevindt zich op 10 november in Oedelem en krijgt de belangrijke opdracht om de zeer nabije overgave van Duitsland aan de legercommandanten te melden.

 

Sleins soldaat Henri De Bleecker (kruisje)aan de IJzer, 1918. de tweede van links staand is Kamiel Hamerlynck. Bron : SFK - 0992 Sleins soldaat Henri De Bleecker (kruisje)aan de IJzer, 1918. de tweede van links staand is Kamiel Hamerlynck. Bron : SFK - 0992

Sleins soldaat Henri De Bleecker (kruisje)aan de IJzer, 1918. de tweede van links staand is Kamiel Hamerlynck. De soldaat links liggend met geweer is Louis Van Den Bulcke, als burger technieker in Calcutta. De man naast hem, met het bajonet, zou Kamiel De Keyzer uit Wippelgem zijn.

 

Sleidinge rekent ook af met de vrouwen die met den Duits geslapen hebben. Men brengt deze incivieken’ op straat en snijdt in het openbaar hun haren af. In het gemeentehuis stromen honderden facturen, leveringnota’s en gekrabbelde briefjes binnen ter schadeloosstelling van vier jaar oorlog’. In het voorjaar van 1919 worden de schoolkinderen geportretteerd "uit dank voor onze weldoeners" (zie ook de klasfoto’s van die periode onder Onderwijs).

De situatie wordt stilaan weer normaal. Een "Comiteit der Vredesfeesten" krijgt op 30 juli 1919 de principiële steun van het gemeentebestuur. Als datum wordt zondag 22 november vastgelegd en een vrijheidsboom wordt -na 'een kerkdienst  met gelegendheidssermoen'- aangeplant 'op een vrijgekomen stuk van het vroegere kerkhof'.Pas 5 jaar nadien wordt op 4 mei 1924 met gemeentelijke financies én de opbrengst van een ‘Vlaamse Kermis’ het monument voor de 29 gesneuvelde Sleidingenaren ingehuldigd.

 

Bron : Geschiedenis van Sleidinge - 2083 Bron : Geschiedenis van Sleidinge - 2083

Programma van de 'groote feesten'.

 

Bron : SFK - 0993 Bron : SFK - 0993

Het monument voor de gesneuvelden. In de linker bovenhoek is het oorspronkelijke AVV-VVK-opschrift verwijderd.