Economie en handel > Horeca > Café Het Gouden Hoofd

 

“Het Gouden hoofd” (nu Weststraat 15, slagerij Ronny Dellaert) was bij aanvang een afspanning. Hier werden dus de paarden, die instonden voor vervoer van koetsen, transporten,… uitgespannen door hun eigenaar en vervangen door een uitgerust exemplaar dat steeds ter plaatse “logeerde”. Ondertussen konden menners ook uitblazen en zelfs soms overnachten.

De eerste uitbater was Eduard Constant Laroy, die in 1873 reeds een aantal verenigingen huisvestte, o.a. de "karabijniers van Sleidinge". Daarna kwamen Kamiel Schynckel en vervolgens beestenkoopman Cyriel Boer Van Hecke en echtgenote Martha Laroy. Zij combineerden de afspanning met andere diverse activiteiten: boerderij, beestenkoopman en beenhouwerij. De gelagzaal van de afspanning werd vanaf toen ook café.

 

 

Het Gouden Hoofd ten tijde van Boer Van Hecke, 1950.

 

 

Eind 1959 komen Emiel De Neve en Germaine Lobbens uit Nevele in de zaak. De naam van het café blijft bestaan, maar stilletjes aan spreekt iedereen van bè Miele, want deze inwijkeling ontpopte zich tot een echte volksfiguur, waarvan menigeen zich nog de legendarische bulderlach herinnert, die koest huoorn toe an de stoasse.

Geluidsfragment : Germaine De Neve-Lobbens over haar beginperiode in Het Gouden Hoofd.

In deze periode hadden o.a de volgende verenigingen er hun tweede thuis: NSB, de kleermakersbond van het Meetjesland, vinkeniers “de Lindezangers” en de civiele bescherming.

Miele was de laatste Sleinse cafébaas-beenhouwer. Hij stopte in 1982. Het café sloot en de slagerij werd verbouwd en verdergezet door keurslager Ronny Dellaert.

 

Emiel De Neve in het deurgat van zijn café, met ernaast nog net het uitstalraam van de slagerij.

 

Emiel in volle actie.

 

Miele achter zijn toog en zijn gevleugelde woorden ' Bèkkerbè ?'