Legendes en folklore > Legendes

 

1. Keizerlijk bezoek van Jozef II ?

 

In 1780 volgt Jozef zijn moeder Maria-Theresia op als staatshoofd van de Oostenrijkse Nederlanden. Hij wil zijn onderdanen beter leren kennen, en reist het jaar daarop anoniem door zijn rijk. Op die tocht zou hij overnacht hebben in Sleidinge. Sinds generaties heeft de volksmond het over dat keizerlijk bezoek. Jozef II zou overnacht hebben in de Weststraat, huidig nr 10, waar nu juwelier Lehoucq woont.

Er zijn een aantal aanwijzingen die deze hypothese ondersteunen:

- eerst en vooral is er zijn reisschema dat bewaard bleef. Het brengt de keizer in dertien steden. Uit het reisverslag maken we op: “Op woensdagmiddag 13 juni 1781 reist de keizer van Brugge naar Eeklo, vanwaar hij donderdagmorgen de 14e verder reist. Hij komt op de avond van vrijdag 15 juni in Gent aan” De keizer reist incognito en wil zo goed mogelijk zijn anonimiteit bewaren, vandaar dat hij met een klein gezelschap reist en weinig uiterlijke kenmerken draagt. Hij slaapt zelfs één op de twee nachten in de postkoets.De andere overnachtingen gebeuren in eenvoudige hotelsof afspanningen.

De verslagschrijver maakt spijtig genoeg geen gewag van het verdere verloop van die donderdagmiddag en -avond. De laatste uren die hem op donderdag 14 juni als reistijd nog restten, kunnen hem alleen in een tussenhalte gebracht hebben, wat het vermoeden van een anonieme overnachting in het even anonieme Sleidinge versterkt en zelfs aannemelijk maakt. Het ontbreken van een vermelding in de rekeningen van de gemeente bewijst alleen dat Jozef II niet officieel door de Sleinse overheid werd ontvangen.

 

- het verhaal van die overnachting werd door de herbergier van “Den Nieuwen Keyzer” van generatie op generatie doorverteld). Eerst was er de familie Bauwens (tot 1790), dan de familie De Schryver (1840), vervolgens de familie Schynkel (1870), die de herberg omdoopte tot “Het Huis van Oostenrijk”, en tenslotte de familie Lehoucq, allen verwant aan elkaar. Julien Lehoucq hoorde zijn vader August in dit verband vaak verwijzen naar diens moeder, Virginie Schynkel, die het verhaal goed kende.

 

Het Huis van Oostenrijk, met het bas-reliëf van Jozef boven de deur. (Bron : Geschiedenis van Sleidinge - foto 977)

Het Huis van Oostenrijk, met het bas-reliëf van Jozef boven de deur.

 

- in het huis werden een aantal veranderingen aangebracht die verwijzen naar de keizer. Zo is er een half verheven beeltenis van Jozef II in lichtblauw glas. Deze waaier sierde vroeger de voordeur, en werd later verplaatst boven de achterdeur van het huis.

 

Bas-reliëf in waaier  van keizer Jozef II. (Bron : Joris De Wildeman - foto 93)

Bas-reliëf in waaier  van keizer Jozef II.

 

- ook de schoorsteen van een slaapkamer is versierd met verguld Jozef II-pleisterwerk. Ter herinnering aan de doorluchtige bezoeker?

 

- een Oostenrijkse munt uit 1786 is al generaties lang in familiebezit. Ze werd weliswaar geslagen 5 jaar na het vermeende bezoek, maar is net als de bovengenoemde aanpassingen in het huis een bewijs dat men iets had met de keizer.

 

Julien Lehoucq en echtgenote in de versierde slaapkamer met keizerlijke munt. (Bron : Geschiedenis van Sleidinge - foto 978)

Julien Lehoucq en echtgenote in de versierde slaapkamer met keizerlijke munt.

 

 

 

2. De vele Mit(h)rem-vraagtekens.

 

Het verhaal van een geheimzinnig beeld dat sinds mensenheugenis in Daasdonk staat, en er vereerd werd tijdens Daasdonk-kermis, de eerste zondag na Allerheiligen, lijkt op het eerste zicht niet meer van deze wetenschappelijke tijd. Tot vandaag blijft Daasdonk en omstreken zijn held eren, meer bepaald in het tweede weekend van mei, tijdens de Mithremfeesten.

 

Mitrem zoals hij op Daasdonk-kermis werd uitgestald. (Bron : x - 0979)

Mitrem zoals hij op Daasdonk-kermis werd uitgestald.

 

Tot voor de Tweede Wereldoorlog kijkt de Sleinse geestelijkheid nog erg afwijzend naar de gekneusde kermisheld, maar bij de inhuldiging van pastoor Jozef D'Haenens in 1951 krijgt het Mitrem-beeld voor het eerst een plaats in de feeststoet.

Drank en tabak behoren tot de iconografie van Mitrem: een stenen pijp in de mond en een jeneverfles.

 

Mitrem in 1948 en zijn attributen. (Bron : SFK - foto 980)

Mitrem in 1948 en zijn attributen.

 

De oorsprong van het beeld is totaal niet geweten. Velen waagden zich aan een verklaring, de een al ongeloofwaardiger dan de ander. Marcel Daem verzamelde deze theorieën in 1948 zelfs in een boekje. > Geluidsfragment 133 : Joris De Wildeman over Mithrem

Een greep uit deze Mitremologie:

Mitrem is genoemd naar een tapijtwever.

Mitrem is een heidense god.

Mitrem is een afgodsbeeld van Mithra uit de Scandinaafse mythologie.

Mitrem is een afgodsbeeld van Mithra uit de Perzische mythologie, geluksbrenger

Mitrem is een toneelattribuut van de rederijkers.

Mitrem werd werd gestolen of toevallig meegebracht uit Holland.

Mitrem is een Christus- of Judasbeeld.

Mitrem is Mijterman, een goedaardige watergeest, beschermer van vee.

 

De huidige Mitrem dateert van 1845: het is een gepolychromeerd eikenhouten beeld, vervaardigd door beeldsnijder Geirnaert van Vinderhoute op initiatief en kosten van jeneverstoker Van Hoorebeke uit Evergem. De vorige versie was niet meer dan een eenvoudige houten blok met veel inkervingen. Met de nodige verbeelding kon men er een menselijk gezicht in herkennen.

 

Het beeld roept al 160 jaar vraagtekens op. De Dag van 18 juli 1936. (Bron : Geschiedenis van Sleidinge - foto 981)

Het beeld roept al 160 jaar vraagtekens op. De Dag van 18 juli 1936.

 

De beide beelden werden bewaard in herberg ‘De Gouden Bolle’, later ‘Den Gouden Bol’ en ‘In de Boomkwekerij’ van de kinderen Velleman . In 1919 kent het eerste beeld een roemloos einde als brandhout en komt het tweede in handen van Louis De Clercq, die de herberg koopt. De volksmond wil dat beeld en huis onafscheidelijk zijn., maar de herberg wordt gesloopt, en onze held verhuist mee met de eigenaar. Sindsdien blijft ook Mithrem junior zwijgen over zijn ware oorsprong. Yvonne De Clercq stelt hem nog altijd tentoon (huidige Wittemoer 2) tijdens Mithrem-kermis.

 

In 2005 werd het beeld gekopieerd om als attribuut te dienen in de voorstelling Calcutta. Tussen de twee Mitrems ziet U eigenares Mevr. Yvonne de Clercq en de beeldhouwster. (Bron : SFK - foto 982)

In 2005 werd het beeld gekopieerd om als attribuut te dienen in de voorstelling Calcutta. Tussen de twee Mitrems ziet U eigenares Mevr. Yvonne de Clercq en de beeldhouwster.

 

 

 

 

{wmv}9012{/wmv}

1985 2010 Yvonne De Clercq vertelt over Mitrem

 

 

En Mitrem blijft ons vandaag de dag nog steeds voor de gek houden. Waarom anders noemt het beeld Mitrem, maar zijn de kermis en de straat naar Mithrem genoemd…?